Resumé


(7) Resumé

An Mhaerebaom

1.Resume: Beleidsruimte i.r.t. geluidsrichtwaarden

Tot heden lijkt het de gemeente niet nodig om een lokaal gemeentelijk geluidbeleid te voeren en zodoende haar burgers tegen onnodig geluidshinder te beschermen.
Het gemeentelijke bestuur houdt zich niet aan de grenswaarden van de bestaande zonering en past de hogere richtwaarden uit de handreiking toe op de situatie An Mhaerebaom.
Het gemeente bestuur heeft van de Handreiking gebruik gemaakt. Deze Handreiking is eigenlijk bedoeld als vangnet voor gevallen waarin gemeenten nog geen eigen geluidnota hebben opgesteld.
De richtwaarden zijn niet als bindend bedoeld, maar om in de gemeentelijke geluidnota gebruikt te kunnen worden voor de lokale situatie, bijvoorbeeld voor de toekenning van geluidgrenzen en gebiedstyperingen.

Voor landelijke gebieden met veel agrarische activiteiten geldt volgens het Besluit Landbouw een grenswaarde van 45 dB(A).
Volgens het Besluit Landbouw (artikel 1.1.2), wordt maximaal 5 dB(A) bovenop de wettelijke grenswaarde gerekend en dat betekent dat de bovengrens die gehanteerd wordt maximaal 50 dB(A) als boven grens geldt..

2.Resumé: Geluidsgrenswaarden onjuist toegepast

Ook heeft het gemeentelijke bestuur bovendien niet gemotiveerd waarom voor de burgerwoningen niet de richtwaarde van 50/45 dB(A) als grenswaarde is nagestreefd (conform de grenswaarden voor geluid uit het Activiteitenbesluit). Daarentegen heeft het gemeente bestuur als uitgangspunt gekozen voor de hoogst toelaatbare waarde van 70/72.5 dB(A) van de handreiking.
De plaatsing van een schietboom en kogelvanger in het buitengebied Aan Mhaerebaom kan volgens artikel 110a lid 5 van de Wet geluidhinder geen hogere grenswaarden dan 45 dB(A) toewijzen.

Het bestuur zou bij het vaststellen van de maximaal toegestane geluidbelasting moeten overwegen dat in beginsel aansluiting moet worden gezocht bij het ter plaatse heersende referentieniveau van het omgevingsgeluid. Het bevoegd gezag hanteert in dit geval als vaste bestuurspraktijk aansluiting bij de niet bindende handreiking.
De buitenwettelijke richtlijnen in de handreiking zijn geen zuivere deskundigen richtlijnen. Zij bevatten, naast technische deskundigeninformatie van onderzoeksbureaus, een beleidsmatige en ook politieke afweging tussen ecologische enerzijds en meestal economische en culturele belangen aderzijds. Deze afwegingen resulteren in de voorkeur voor een bepaald beschermingsniveau.

3.Resumé: Foutieve geluidstoetsing

Uit metingen met een lichte buks (die op een locatie verkregen zijn waarvan de omgevingsvariabelen niet overeen komen met de locatie An Mhaerebaom ) worden door extrapoleerde berekeningen lage geluidsovertredingen geconstateerd.
Bij een juiste rekenkundige toepassing van de brongeluiden van een zware Limburgs Traditioneel buks worden zowel de grenswaarden overdag als ook avonds onaanvaardbaar hoog overschreden in aangrenzende woonwijken, buitengebieden en het stiltegebied.

4.Resumé: Ontheffingsmogelijkheid

De aanwezigheid van deze schietboom dient in het bestemmingsplan op een kaart aangeduid te worden. Dit heeft het uitvoerend gezag verzuimd. Om de bestaande situatie te regelen is achteraf op de oorspronkelijke kaartuitsnede, 46a van het bestemmingsplan Buitengebied 2009, de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – schietboom’ ingetekend ter plaatse van het perceel van de Schutterij Mheer. Dit is niet openbaar gemaakt en daardoor heeft men geen bezwaar kunnen aantekenen. Bovendien is er zonder recht van inspraak een ontheffingsmogelijkheid voor het gebied ‘Agrarisch met Waarden’ voor het plaatsen van een schietpaal opgenomen. Deze ontheffingsmogelijkheid wordt nu als redenen van rechtmatig besluit tot vergunningsverlening verwezen.

5. Resumé: Redelijke eisen van welstand

Het gemeentelijke gezag heeft niet in overweging genomen te toetsten of er wel niet bepalende factoren zijn die een plaatsing van de schietpaal met kogelvanger, de vormgeving en de hoogte van het bouwwerk alsmede de aard van de omgeving tegenspreken. Veel meer wordt in het besluit tot vergunningverlening naar de antennemast op het sportterrein verwezen. Die is er eerder bewust onopvallend en in relatie tot de omgeving op het sportterrein en niet in het buitengebied geplaatst. Overigens mag één geplaatste telefoonpaal niet het excuus zijn van een heel mastenpark.

schietpaal te Mheer

6. Verkeers- en parkeeroverlast

De omliggende woongebieden in de nabijheid van de voetbalvelden en de tennisbaan zullen door de toename van verkeer en parkeer activiteiten een onredelijke belasting in het bijzonder in de avonduren ondervinden. Het perceel An Mhaerebaom zal bovendien verkeerstechnisch nog toegankelijk gemaakt moeten worden.

7.Resumé: Voorwaarden vergunningverlening

Er wordt geen rekening gehouden met de dubbele Knal van zware niet gedempte buksen en een niet (gepland) gedempte Kogelvanger. Daardoor wordt er geen rekening gehouden met de correlatie tussen het aantal schoten per uur en de hinderfrequentie door herhaalde knallen.

Het aantal van 120 schoten wordt in de handreiking ter voorkoming van ernstige geluidshinder door herhaalde knallen bedoeld.

De gemeentelijke besluit tot verlening van een omgevings-
vergunning voor plaatsing van een schietpaal met kogelvanger zegt niks expliciet over het wel of niet rekening moeten houden met geluid dempende maatregelen.

8.Resumé: Alternatieve locaties schietterrein

Het zou in strijd zijn met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel als door het gemeentelijke gezag niet wordt aangetoond dat er ook alternatieve locaties in aanmerking komen.

Er zijn aanwijzingen dat er in de nabijheid plaatsen zijn die zowel aan geografisch , geluidsmatig, ecologisch en economisch criteria als ook aan de wettelijke eisen kunnen voldoen.

9.Resumé: Aangrenzende stiltegebied

De plaatsing van een schietpaal met kogelvanger op het perceel An Mhaerebaom in het buitengebied voldoet niet aan het regelwerk van geldende bestemmingsplan. Om dit toch mogelijk te maken moet de wettelijke procedure van een partiële bestemmingsplanherziening gevolgd worden.
Het beoogde schietterrein An Mhaerebaom bevindt zich 500 meter verwijderd van een stiltegebied, aangrenzend aan het buitengebied ten zuiden van de bewoonde kom. In het stiltegebied mag een geluidsbron op een bepaalde afstand niet meer dan 40 dB(A) LAeq, 24 uur veroorzaken.
Ontheffingen kunnen alleen worden verleend op grond van artikel 2.23, tweede lid van de Omgevingsverordening Limburg indien het een eenmalige activiteit in het stiltegebied betreft. Omdat in het POL is aangegeven dat moet worden gestreefd naar het voorkomen van verdere verstoring van de stiltegebieden had het bestuur van de gemeente Eijsden-Margraten een toetsing moeten uitvoeren op de in achtneming van LAeq voor het stiltegebied.

Het bevoegd gezag kan gemotiveerd afwijken van de toetsingswaarden in de handreiking. Daarbij moeten volgens de handreiking de gedachten uitgaan van:

*de activiteiten vinden niet plaats in of nabij een stiltegebied, zoals opgenomen in de provinciale milieuverordening.

De plaatsing van een schietpaal met kogelvanger op het perceel An Mhaerebaom in het buitengebied is gelegen aan de rand van het leefgebied van de dassen. Het leefgebied voor dassen komt door het schietterrein en diens recreatieve activiteiten verder zwaar onder druk te staan.
Voor de bescherming van deze diersoort zijn duizenden meter afrasteringen en talloze tunnelovergangen in de omgeving gemaakt. In het bijzonder om overgangen tussen hun leefgebieden met omvangrijke burchten te waarborgen. Meerdere burchten zijn ten noorden op een afstand van 150 meter schuin van het geplande schietterrein gelegen.

Bovendien zullen de vaste routes van de dassen in oostelijke richting volledig door het zwaarst belaste voorwaartse geluidsgebied gaan. Alleen op deze paden kunnen de dassen naar de burchten in dichtst bijgelegen gebied wisselen.
In het Provinciaal Omgevingsplan Limburg (POL) bepaald dat het bij stiltegebieden gaat om gebieden die rustig zijn en rustig moeten blijven, met een akoestische kwaliteit lager dan 40 dB(A).
Hoewel het beoogde schietterrein Aan Mhaerebaom zich niet direct bij een stiltegebied bevindt (maar 500 meter aangrenzend aan het buitengebied ten zuiden van de bewoonde kom), zal toch kort ingegaan op hetgeen de Provinciale Milieu Verordening (PMV) ten aanzien van stiltegebieden aangeeft.

Stiltegebieden zijn rustige gebieden met een van nature geringe geluidbelasting, die van belang zijn voor de natuur en voor extensieve recreatie door de mens. Stiltegebieden zijn echter geen openlucht-
musea. Er wonen, werken en leven mensen die hun dagelijkse activiteiten moeten kunnen verrichten. Als deze personen voor het uitoefenen van hun normale werkzaamheden, bijvoorbeeld in de landbouw, bij bosonderhoud of bij technische onderhouds-werkzaamheden, lawaaiige toestellen moeten gebruiken, dan staat de PMV dat altijd toe en hoeft hiervoor geen toestemming te worden gevraagd van enige overheid. Deze geluiden zijn ‘gebiedseigen geluiden’ te noemen.
‘Gebiedsvreemd’ geluid dient daarentegen zoveel mogelijk te worden voorkomen of beperkt.
Bij gebiedsvreemd geluid kan men denken aan het opsporen of ontginnen van in de bodem aanwezige stoffen, het omzagen en kappen van bomen anders dan voor bosbouwkundig onderhoud of productiebos, het aanleggen van buisleidingen voor het transport van stoffen, dwars door een stiltegebied heen of het gebruiken van geluidsapparatuur.
De PMV is niet bedoeld om gebiedsvreemde activiteiten te verbieden. Rechtstreeks werkende regels voor gedragingen in milieu-
beschermingsgebieden zijn bedoeld om lawaaibronnen, zoals drilboren, motorzagen en hakselaars, of geluidapparatuur en dergelijke te reguleren, die bij het uitvoeren van die activiteiten worden gebruikt. Of ontheffing wordt verleend of niet, is afhankelijk van overwegingen, die enkel op het voorkomen of beperken van geluidhinder gericht zijn.

10.Resumé: Afwijkingsbevoegdheid

Het bevoegd gezag kan gemotiveerd afwijken van de toetsingswaarden voor een schietpaal met kogelvanger. Bij het beargumenteerd afwijken van de toetsingswaarden moeten de gedachten volgens de handreiking uitgaan van :
• de geluidbelasting als gevolg van een vergunning plichtige wijziging (bijvoorbeeld het plaatsen van een kogelvanger) neemt niet essentieel toe. Hierbij wordt gedacht aan een toename van maximaal 3 dB;
• de vigerende activiteiten mogen niet in omvang toenemen;
• de activiteiten vinden niet plaats in of nabij een stiltegebied, zoals opgenomen in de provinciale milieuverordening.
• Met name wordt er door het bevoegd gezag met de laatste van de drie aandachtspunten geen rekening gehouden.

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Download Volgende Bijlagen